Over dedain, haatspraak en kromspraak

06 juni 2021     door Marc Peeters

Waar is Wally?

Historicus Bruno De Wever (UGent) is duidelijk niet van hetzelfde duurzaam hardhout gesneden als zijn confrater en broer Bart, de N-VA voorzitter en burgervader van Antwerpen. In ‘Terzake’ op Canvas van 28/05/2021 bestond hij het als commentaar op de 50.000 sympathisanten van de met klopjachten gezochte beroepsmilitair Jürgen Conings, te poneren dat we hier te maken hebben met ‘mensen die uitgesloten zijn, uitgestoten uit een samenleving die sterk gericht is op de middenklasse (waar broer Bruno zich toe rekent en die hij op 70% van de bevolking raamt), kortom ze vallen uit de boot’. Hij werd daarin volmondig bijgetreden door de links-activistische historicus Vincent Scheltiens (UAntwerpen) en Terzake-koningscobra Kathleen Cools. Bij uitbreiding ging het in de analyse over de kiezers van Vlaams Belang. Een andere cultuurmarxist, Ico Maly, doctor in de cultuurwetenschappen en docent nieuwe media en politiek aan de Universiteit Tilburg, stelt in alle mainstreammedia die hem willen aanhoren, dat de remedie voor het acute probleem van het rechtsextremisme ligt in ‘de aanpak van armoede, ongelijkheid en haatproducenten’. ‘Creëer meer kansen en werk onrechtvaardigheden weg’ (De Tijd 29/05/2021). Dat riedeltje gaat al decennia mee in financieel goed doorvoede academische kringen. Het deuntje is zo grijsgedraaid dat de aapjes niet meer willen dansen op het ritme van de orgelman.

De morele superioriteit en de neerbuigendheid spatten af van de commentaren. Ze manifesteren zich ook in de vragen door de journalisten van De Tijd (eveneens 29/05/2021) afgevuurd op Tom Van Grieken, de voorzitter van Vlaams Belang, die de schimpscheuten met gemak pareert en geniet van de winst die hij boekt in de publieke opinie. Dan maakt hij een revelerende uitschuiver: ‘Ik ben ervan overtuigd dat het christelijke, het Vlaamse en als u wilt zelfs het blanke een dominante factor moet zijn in onze samenleving.' Dat is een essentialistische identiteitsvisie waarbij identiteit en etniciteit worden gemengd in een giftige cocktail. Imbuvable. Met regressie naar het Vlaanderen van 60 jaar geleden kan je geen toekomst uitbouwen. Dat neemt niet weg dat het gros van de Vlaams Belang-kiezers helemaal niet uit de boot van de samenleving is gevallen, ze zitten benedendeks in het ruim, waar hun ergernis, afkeer en boosheid blijven groeien. Ontgoocheling zet zich om in verbittering. Met een onderhuidse dreiging van muiterij.

‘Il n’y a pas de vie sans dialogue. Et sur la plus grande partie du monde, le dialogue est remplacé aujourd’hui par la polémique et l’insulte. 

De ideologie van Vlaams Belang heeft ongetwijfeld racistische en xenofobe wortels, haar discours is demagogisch, etnocentrisch en meer dan eens ranzig. Dat laatste kan je evenwel ook zeggen als je bepaalde Franstalige politici of opiniemakers schuimbekkend ziet fulmineren tegen het Vlaams-nationalisme. Het opheffen van het beruchte ‘cordon sanitaire’ is in elk geval een eerste stap om het gistend ongenoegen enigszins te doen afnemen. Onderzoeksjournaliste Hind Fraihi, co-auteur van ‘Achter het schild van extreemrechts’ (2021) in De Tijd van 05/05/2021: ‘Men zal toch moeten overwegen het Vlaams Belang mee in bad te nemen na de verkiezingen van 2024. In mijn ogen zal dat leiden tot een soort duiveluitdrijving die je nodig hebt om tot een catharsis te komen. Enkel zo kan je de partij demystificeren.’ Hopelijk leidt het perspectief van potentiële Vlaamse regeringsparticipatie tot het dimmen van vulgaire, provocerende, racistische toogpraat in café ‘Den Eikel’ vanwege Vlaams Belang-stamgasten als Dewinter, Van Langenhove, Van Rooy. Hun partij neemt evenwel correct deel aan democratisch georganiseerde verkiezingen. Ze is op basis van de Grondwet niet verboden. Haar mandatarissen zijn legitiem verkozen. Het is dus antidemocratisch de partij en haar kiezers op te sluiten in een schutkring alsof het (zwarte) pestlijders zijn. Je negeert niet arrogant en slinks een kwart van de Vlaamse kiezers (volgens de jongste peiling 26,1%). Je kwalificeert hen niet als marginalen en randdebielen, ‘mestkevers’ zoals de Toscaanse wijnboer Karel de Zelfzuchtige, bijgenaamd De Gucht, hen in 2001 noemde, of ‘deplorables’ in de woorden van Hillary Clinton tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016.

Precies uit die minachtende attitude vloeit de gevreesde radicalisering voort. Albert Camus, de Franse filosoof en Nobelprijswinnaar literatuur 1957, zei daarover: ‘Il n’y a pas de vie sans dialogue. Et sur la plus grande partie du monde, le dialogue est remplacé aujourd’hui par la polémique et l’insulte. Elle tient, entre les nations et les individus, et au niveau même des disciplines autrefois désintéressées, la place que tenait traditionnellement le dialogue réfléchi. Des milliers de voix, jour et nuit, poursuivant chacune de son côté un tumultueux monologue, déversent sur les peuples un torrent de paroles mystificatrices, attaques, défense, exaltations. Mais quel est le mécanisme de la polémique? Elle consiste à considérer l’adversaire en ennemi, à le simplifier par conséquent et à refuser de le voir. Celui que j’insulte, je ne connais plus la couleur de son regard, ni s’il lui arrive de sourire et de quelle manière. Devenu aux trois quarts aveugles par la grâce de la polémique, nous ne vivons plus parmi les hommes, mais dans un monde de silhouettes’ (‘Le Témoin de la Liberté’, toespraak in Parijs 13/12/1948, gepubliceerd in ‘Conférences et discours 1936-1958’). Treffend geformuleerd en meer dan ooit actueel.

Het is natuurlijk overdreven korporaal Conings te kronen tot de Che Guevara van extreemrechts (Hind Fraihi in De Tijd van 29/05/2021). Dat icoon van de linkse guerrillero’s staat qua bloeddorst meerdere plaatsen hoger in de rangschikking dan onze lokale Rambo uit de stille Kempen. Het crimineel gedrag en de doodsbedreigingen geuit door Conings, zijn allerminst lovenswaardig, ze zijn volstrekt verachtelijk. Ze zetten de tegenstelling tussen barbarij en beschaving nogmaals op scherp. Wel zet losgeslagen Jürgen magistraal de machtsontplooiing van regering, politie en leger te kijk door vooralsnog onvindbaar te blijven. Leeft hij überhaupt nog? Door de autoriteiten uit te dagen, tot nader order zonder fysiek slachtoffers te maken, krijgt hij iets van een rebel, een schelm, een outlaw zoals Jan de Lichte, wat intuïtief sympathie opwekt bij de bevolking. Dat fenomeen, ook al is het in wezen immoreel, is zo oud als de mensheid. Kijk maar naar de fascinatie voor flamboyante misdadigers en de films daarover van Coppola, Scorsese en De Palma, televisieseries als Peaky Blinders en Gomorra, of de komische films waar de politiewagens met dozijnen tegen elkaar knallen. Het gezag in zijn blootje gezet, geridiculiseerd. De media kakelend van opwinding. Een lekkere guilty pleasure. Meer hoeven we daar in essentie niet achter te zoeken, ondanks het geraas van de mainstreammedia en het doemdenken van hun links georiënteerde experts.

 

 

De traditionele politieke families en hun bijbehorende middenveldorganisaties (waaronder vakbonden, ziekenfondsen), die het land al decennia besturen met nefaste focus op belangenverdeling en financieel gewin, hebben alle baat bij het isoleren van Vlaams Belang. Door het cordon verkleinen ze het politieke speelveld, waardoor ze hoe dan ook blijven deelnemen aan de macht. De andere Vlaams-nationale partij, de inclusief-conservatieve en seculiere N-VA, is immers steeds verplicht met hen in wisselende samenstelling samen te werken, ook al is dat tegen heug en meug. Het spreekt voor zich dat de Franstalige politieke partijen zich verkneukelen bij het cordon. Ze maken er een sport van de beide Vlaams-nationale partijen over één rechtse tot extreemrechtse kam te scheren. Dat laat hen toe de meerderheid (57,8%) in dit land de facto te minoriseren zoals uit de samenstelling van de federale paarsgroenoranje zevenkoppige draak blijkt. De frustratie daarover is groot in Vlaanderen, ook al proberen de machthebbers en hun regimepers dat te verdoezelen. Volgens de jongste opiniepeilingen staat de Vivaldi-coalitie in Wallonië op 58%, in het Brussels Gewest op ruim 60% en in Vlaanderen op 42%. Het lagere draagvlak in Vlaanderen gaat het piepende en schurende Vivaldi-orkest blijven parten spelen. In geen enkel ander federaal land bestuurt de regering zonder meerderheid in de grootste deelstaat.

‘No taxation without representation’ was de slagzin van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog. Wat dat betreft, staat Vlaanderen, dat het leeuwendeel (70%) van de belastingen in dit land ophoest, aan de verkeerde kant van de geschiedenis, al is dat bepaald niet wat Charlie Michel, de streber par excellence, met zijn toespraak in Marrakech bedoelde (10/12/2018). De rekening van de territoriumdrang, de wafelijzerpolitiek, de verzuiling en het cliëntelisme van de politieke dinosauriërs was al torenhoog opgelopen en omgezet in wurgend staatsdirigisme annex belastingdruk, vooraleer de coronacrisis er nog een schep bovenop deed. De Belgische staatsschuld bedraagt actueel 443,53 miljard euro. Tussen 2000 en 2026 zullen de overheidsuitgaven met 58 miljard euro gestegen zijn, waarin de sociale zekerheid met 36 miljard euro de grootste hap neemt (Planbureau - Economische vooruitzichten 2021-2026). Te financieren met? Drie keer raden … juist, belastingen! De Vivaldi-Nooitgenoegdraak ‘bereidt een bredere fiscale hervorming voor om het belastingstelsel te moderniseren, te vereenvoudigen, rechtvaardiger en neutraler te maken’ (sic het regeerakkoord). Nobele intenties die passen in de woordenkramerij en pogen te verbergen dat roodgroenoranjelinks vooral vermogen, roerend en onroerend, extra wil belasten. Het gaat dan altijd over heffingen op winsten, op meerwaarde en rendement. Van belastingaftrek voor verliezen of minwaarden is nooit sprake in de illusoire wereld van de belastinghaaien.

(...) het totale begrotingstekort van 44,9 miljard euro is in absolute cijfers het grootste ooit.

De CD&V zweert bij monde van Vinnige Vinnie, de federale minister van Financiën, bij de dual income tax, waarbij inkomsten uit arbeid en sociale tegemoetkomingen progressief worden belast en de inkomsten uit roerend en onroerend vermogen, inclusief meerwaarden, proportioneel volgens forfaitaire tarieven. Het voor de overheid nog lucratievere alternatief bestaat erin alle inkomsten uit arbeid en vermogen (pas tot stand gekomen of verkregen na betaling van belastingen) bij elkaar op te tellen en alles samen progressief te belasten. De citroenpers in overdrive. Van een sanering van de overheidsuitgaven, waaronder de overvloed aan subsidies, valt in dit debat niets te bespeuren. Als de vos (in dit geval de draak) de passie preekt, boer pas op je ganzen. Er toch even aan herinneren dat de fabelachtig goed beheerde coronacrisis (2.150 overlijdens per miljoen inwoners of 25.019 in totaal - 06/06/2021) de Belgische overheid vorig jaar 35,6 miljard euro heeft gekost, het totale begrotingstekort van 44,9 miljard euro is in absolute cijfers het grootste ooit. Dat is het officiële begrotingsresultaat meegedeeld door staatssecretaris voor Begroting Eva De Bleeker (Open vld). België behoort daarmee tot de landen met het allerslechtste begrotingsresultaat van de Europese Unie. Op 07/05/2021 heeft de Europese Commissie haar driejaarlijks rapport over de financiële impact van de vergrijzing gepubliceerd (‘The 2021 Ageing Report: Economic and Budgetary Projections for the EU Member States 2019-2070’). Daaruit blijkt dat er voor België een veel zwaardere vergrijzingsfactuur zit aan te komen dan gemiddeld in de eurozone. Onze jaarlijkse sociale overheidsuitgaven zouden in 2070 zo’n 26 miljard (in euro’s van vandaag) hoger liggen dan in 2019. Het grootste deel van die stijging (zo’n 17 miljard) zou er al in 2040 zijn. Dat is nog zonder allerlei beloftes van hogere pensioenen (de belangrijkste component in de factuur). Gelukkig is ons land op weg om in 2021 met een cijfer van 4,6% de hoogste economische groei sinds 1988 te realiseren. Alle baten helpen, zei de begijn, en ze roerde in de soep met een breinaald.

Sommige trado’s (christendemocraten, socialisten, liberalen) gedragen zich nog altijd als tyrannosaurussen rex terwijl het hoogstens om gekko’s, dove varanen en kameleons gaat. Ze treuren om ‘the lost world’. Hun genialiteit hebben ze onder meer gedemonstreerd in het Dexia-debacle, waarin niet alleen de 780.000 Arco-coöperanten gedupeerd zijn voor 1,5 miljard euro, maar er boven het hoofd van de Belgische belastingbetaler nog een zwaard van Damocles hangt van zo maar even 39,75 miljard euro (De Tijd 29/05/2021). Voor de komende tien jaar (tot 2032) vertegenwoordigt dat bedrag de garantie van de Belgische overheid voor de kredietverplichtingen van de restbank (bad bank) Dexia, in haar fleur door overmoed en wanbeheer uitgegroeid tot één van de grootste hefboomfondsen ter wereld. Specialist bovendien in fiscale spitstechnologie via offshore-constructies in belastingparadijzen. Op het hoogtepunt van de financiële crisis in 2008 beschikte Dexia daar over 111 filialen.

Er toch even aan herinneren dat de raad van bestuur van de staatsbank in de gloriejaren volgestouwd zat met mandatarissen van de trado’s, die daarvoor aangename zitpenningen ontvingen. Over een periode van vijf jaar varieerden de tantièmes en presentiegelden van 190.000 tot 243.000 euro per persoon. Het gemiddelde op jaarbasis bedroeg 48.000 euro. Namen? Jean-Luc Dehaene (CD&V), Herman Van Rompuy (CD&V),Tony Van Parys (CD&V), Wivina Demeester (CD&V), Karel De Gucht (Open vld), Francis Vermeiren (Open vld), Patrick Lachaert (Open vld), Patrick Janssens (sp.a), Frank Beke (sp.a), Elio Di Rupo (PS), François-Xavier De Donnéa (MR), Serge Kubla (MR). Op wisselende tijdstippen waren zij bestuurder van Dexia, meestal namens de Gemeentelijke Holding. Geen van hen is ooit voor zijn of haar mandaat ter verantwoording geroepen, de algemene vergadering van aandeelhouders heeft hen steeds ontlasting verleend. Politieke integriteit is al lang een curiosum voor nostalgici.

 

 

De draak van de haat

De commotie over Jürgen Conings en Marc Van Ranst, de narcistische opperviroloog (die in alle ernst niet verdient wat hem overkomt), heeft ministers van de federale regeringscoalitie aangespoord hun cursus machiavellisme for dummies te herlezen. Met het doel kritiek op het type samenleving, dat zij proberen te boetseren en op te dringen, te smoren als haatspraak. Meesmuilende Alexander en Windhaan Quickie voeren de kruistocht aan, Donderende Ludivine draagt de drakenbanier. Alles, zoals altijd, geheel belangeloos. Voor wie goedgelovig is. De Vivaldi-meerderheid in de Kamer maakt er al langer een strijdpunt van om wat zij beschouwt als ‘haatspraak’, ‘desinformatie’ en ‘fake news’ via wetgeving aan te pakken. Met inspiratie van de Europese Commissie. Dat opent de deur naar intentieprocessen. Een Vivaldi-meerderheidsresolutie in de Kamer wil socialemediabedrijven actief inschakelen bij het ‘zuiveren’ van berichten op hun platformen. De zevenkoppige draak trekt de verkeerde conclusies uit de boeken van George Orwell (‘Nineteen Eighty-Four’), Aldous Huxley (‘Brave New World’) en Franz Kafka (‘Der Prozess’ en ‘Das Schloss’). Hij beschouwt de dystopische waarschuwingen als richtlijnen en wil burgers bij wet tot moraliteit brengen. Trekkers zijn de appelblauwzeegroene krokodillen Kristof Holoog Calvo (Gifgroen) en Patrick Eigenwaan Dewael (Blauwzuur), notoire belgicisten ontsnapt uit Jurassic Park. Het kroonstuk is een wijziging van de Grondwet, specifiek de artikelen 25 en 150.

Krantenredacties gniffelen dan dat ze dossiers ‘hebben kunnen inkijken’ (...) of dat die door een gunstige wind zijn aangewaaid. Dat die wind soms uit het riool komt, mag geen bezwaar zijn.

Artikel 25 regelt al sinds 1831 de vrijheid van drukpers. Het heeft een update nodig om er radio, televisie en internet aan toe te voegen en het over ‘alle informatiemedia’ te hebben. Het wetsvoorstel dd. 12/02/2021 van Kristof Calvo en zijn Ecolo-Groen acolieten luidt als volgt: ‘Voorstel tot herziening van artikel 25 van de Grondwet teneinde de grondwettelijke waarborgen voor de drukpers uit te breiden tot alle informatiemedia en met het oog op een gelijke vervolging van alle strafbare uitingen die aanzetten tot haat, geweld en discriminatie.’ Pittig ‘detail’ dat onder de radar blijft, klachten tegen de audiovisuele of de geschreven pers wegens laster, eerroof en beledigingen belanden conform het wetsvoorstel in de toekomst voor het hof van assisen, onder het mom van de persvrijheid niet te beknotten en dus censuur te bestrijden. Een hoge drempel voor het tegengaan van trial by media en schandpaaljournalistiek (naming and shaming). Het lijkt wel of dat soort laaghartige methodes een vrijgeleide krijgen van groenlinks. De journalistieke ethiek, die erin bestaat verschillende informatiebronnen te verifiëren op hun juistheid, in plaats van te luisteren naar geruchten, roddels en afrekeningen, is al lang niet meer de norm, integendeel. Zo zijn in gerechtelijke onderzoeken geheimhouding en sereniteit achterhaalde begrippen. Meestal zijn ze zo lek als een mandje. Krantenredacties gniffelen dan dat ze dossiers ‘hebben kunnen inkijken’ (aan eufemisme geen gebrek) of dat die door een gunstige wind zijn aangewaaid. Dat die wind soms uit het riool komt, mag geen bezwaar zijn (de Britse tabloids zetten hier de standaard).

Artikel 150 van de Grondwet is nog belangrijker, het bepaalt de bestraffing van drukpersmisdrijven. Het wetsvoorstel is op 26/01/2021 ingediend door CD&V-Kamerfractieleider Servais Verherstraeten, samen met zijn collega’s Koen Geens (ex-Justitieminister) en Jan Briers. Een een-tweetje met Ecolo-Groen. Essentieel is dat voortaan correctionele rechtbanken en niet langer het hof van assisen bevoegd zouden zijn. Dat lijkt een zaak van pragmatisme en efficiëntie, maar verbergt in werkelijkheid een hellend vlak. Als straks elke mening in een openbare publicatie, online of op papier die gepercipieerd wordt als het aanzetten tot haat, discriminatie of geweld, per definitie voor een correctionele rechtbank dient te komen, zal het aantal vervolgingen exponentieel toenemen. Vandaag is het publiek, doelbewust en systematisch aanzetten tot haat, discriminatie of geweld een misdrijf dat door het hof van assisen wordt behandeld. Verwijzing naar de correctionele rechtbank geldt alleen voor haatspraak die is ingegeven door racisme en xenofobie (wijziging van artikel 150 van de Grondwet door de wet van 07/05/1999). N-VA-voorzitter Bart De Wever waarschuwde in De zevende dag van 30/05/2021 voor ‘een oorlog van iedereen tegen elkaar in de rechtbank’ (‘bellum omnium contra omnes’, een citaat van de Engelse filosoof Thomas Hobbes).

Publicist Johan Sanctorum (Doorbraak.be) op zijn website 31/05/2021: ‘Open vld is een zwevende bubbel die wel ministerposten binnenrijft maar voor de rest in een parallel universum lijkt te vertoeven. Dus begaan de liberalen dezelfde fout die roodlinks de voorbije decennia heeft gemaakt en die o.m. de ideologische monocultuur van de VRT heeft opgeleverd: een discours van morele superioriteit etaleren. Het discours van de wetende, verlichte elite die het domme klootjesvolk moet opvoeden en zo nodig tot de orde roepen. Anders gezegd: Open vld is de vluchtheuvel voor het nieuwe cultuurmarxisme dat in de loges floreert. Dat uitgerekend liberalen vandaag in Vlaanderen het voortouw nemen in het inperken van de vrije meningsuiting, is een vermakelijke paradox waar een glibberige praatjesmaker als Vincent Van Quickenborne, de jongste adept van Noël Slangen, wel weg mee weet. Quickie wil in naam van de democratie een censuurwetgeving uitbouwen die in de eerste plaats hen treft die op de barricaden staan voor die democratische rechtstaat. Elke mening die de pensée unique niet zint, kan namelijk als ‘haattaal’ gekwalificeerd worden en elke criticus van het systeem als een crimineel gebrandmerkt.’

 

 

Vrijdenker Jean-Marie Dedecker in Knack Opinie van 30/05/2021: ‘De politiek-correcte elite dweept met vrije meningsuiting, maar van zodra je van dit recht gebruik maakt moet je achteraf aan tien verongelijkten je verontschuldigingen aanbieden. Voor een enge gesloten club vol van morele superioriteit, die zich intolerant en autoritair gedraagt en die de voeling met de echte wereld is kwijtgeraakt, doet de democratisering van het debat op de sociale media pijn. De traditionele partijen verloren hun macht in de mainstreammedia om het narratief te bepalen. Ze waren gewoon de teugels zelf in handen te houden en aan de touwtjes te trekken. Ze roepen nu om censuur en om beperking van de vrije meningsuiting. Want door de onmacht om de echte problemen op te lossen en om hun eigen neergang te verdoezelen, komen ze nooit verder dan het demoniseren van hun tegenstanders door het ganse Vlaams-nationalisme als extreemrechts af te schilderen. Waar een opinie een delict wordt, klopt de dictatuur aan de deur.’

In de Kamer is Vivaldi naarstig op zoek naar de noodzakelijke tweederdemeerderheid voor de wijziging van de grondwetsartikelen 25 en 150. Die kan de paarsgroenoranje coalitie enkel vinden als ze een beroep doet op de steun van de communisten van PVDA-PTB. Het communisme is zeker in zijn varianten van stalinisme en maoïsme, een totalitaire ideologie, net als het fascisme en het nationaalsocialisme (nazisme). In dat soort politieke systemen staat de vrije meningsuiting niet hoog in het vaandel, integendeel. De Duits-Amerikaanse filosofe Hannah Arendt heeft dat accuraat ontleed in haar standaardwerk ‘The Origins of Totalitarianism’ (1951), waarin ze onder meer stelt: ‘Total domination does not allow for free initiative in any field of life, for any activity that is not entirely predictable. Totalitarianism in power invariably replaces all first-rate talents, regardless of their sympathies, with those crackpots and fools whose lack of intelligence and creativity is still the best guarantee of their loyalty.’ Als Vivaldi bij de communisten steun zou gaan zoeken, zou de zevenkoppige draak ex absurdo bewijzen dat extreemlinks salonfähig is terwijl tegelijk extreemrechts wordt verketterd. Het ene extremisme vind je vooral in Wallonië, het andere in Vlaanderen. Toeval is dat niet. Vallen de maskers eindelijk af? De scène was alvast gezet: een liberale premier die met steun van communisten en Franstaligen de vrije meningsuiting beknot voor rechts Vlaanderen. Intussen heeft de PVDA-PTB bedankt voor de eer om voor bombardon te spelen in het Vivaldi-orkest. Voorzitter Peter Mertens in De Standaard van 03/06/2021: ‘Dit is een hypocriete kwestie. Gefaald antiracismebeleid mag geen excuus zijn om de vrijemeningsuiting in te perken. Wij zullen niet meewerken aan een strategie van Vivaldi om oppositie en dissidentie de mond te snoeren.’ De communisten spellen de liberalen met sardonisch genoegen de les over vrije meningsuiting. De valstrik was te duidelijk zichtbaar. Weg tweederdemeerderheid.

De drastisch gestegen en nog steeds toenemende hoeveelheid wetten, decreten, verordeningen, regels, voorschriften en reglementen is kenschetsend voor de voortschrijdende juridisering van de samenleving. Bij voorkeur gecombineerd met bijbehorende controle, vermaningen, terechtwijzingen en sancties. Een carcan waarin begrippen als de vrijheid van meningsuiting, het kritisch onderzoek en de wetenschappelijk gefundeerde tegenspraak zich niet thuis voelen. In een context van politiek correcte weldenkendheid een gevaarlijk mijnenveld waarin het gemakkelijk is tegenstanders van het politieke establishment, ‘the powers that be’, te muilkorven, te marginaliseren, weg te zetten als verspreiders van haatspraak die een toxische sfeer creëren. Willekeur en gedachtepolitie dreigen. Het is onaanvaardbaar dat woorden worden verboden op grond van vergezochte, rammelende denkconstructies vanuit de wokehoek. Het is de eeuwige terugkeer van ideologische dwang. Vandaag is dat linksliberaal despotisme, vervuld van het eigen, onverwoestbare gelijk.

Het ideologisch conformisme dat nu ook als een zuur doorsijpelt in wetgeving en rechtspraak, vormt een bedreiging voor het vrije woord. Maatschappelijke debatten dienen open, geanimeerd, maar zonder taboes of vrees voor vergeldingen gevoerd.

De associatie met de pensée unique en de afrekencultuur eigen aan het opdringerige ‘woke’-gedachtengoed, komen spontaan voor de geest. Denkdwang leidt tot een onverbiddelijke orthodoxie, die zelfcensuur uitlokt. ‘The free exchange of information and ideas, the lifeblood of a liberal society, is daily becoming more constricted. While we have come to expect this on the radical right, censoriousness is also spreading more widely in our culture: an intolerance of opposing views, a vogue for public shaming and ostracism, and the tendency to dissolve complex policy issues in a blinding moral certainty. We uphold the value of robust and even caustic counter-speech from all quarters. But it is now all too common to hear calls for swift and severe retribution in response to perceived transgressions of speech and thought. More troubling still, institutional leaders, in a spirit of panicked damage control, are delivering hasty and disproportionate punishments instead of considered reforms. Editors are fired for running controversial pieces; books are withdrawn for alleged inauthenticity; journalists are barred from writing on certain topics; professors are investigated for quoting works of literature in class; a researcher is fired for circulating a peer-reviewed academic study; and the heads of organizations are ousted for what are sometimes just clumsy mistakes. Whatever the arguments around each particular incident, the result has been to steadily narrow the boundaries of what can be said without the threat of reprisal. We are already paying the price in greater risk aversion among writers, artists, and journalists who fear for their livelihoods if they depart from the consensus, or even lack sufficient zeal in agreement.’

Bovenstaande open brief, ‘A Letter on Justice and Open Debate’, publiceerden 153 vooraanstaande intellectuelen (wetenschappers, schrijvers, kunstenaars en opiniemakers) op 07/07/2020 in het Amerikaanse maandblad Harper’s Magazine. Onder hen Margaret Atwood, Ian Buruma, Noam Chomsky, Francis Fukuyama, Adam Hochschild, Garry Kasparov, Wynton Marsalis, Steven Pinker, J.K. Rowling, Salman Rushdie, Gloria Steinem en Fareed Zakaria. Een niet mis te verstane waarschuwing. Het ideologisch conformisme dat nu ook als een zuur doorsijpelt in wetgeving en rechtspraak, vormt een bedreiging voor het vrije woord. Maatschappelijke debatten dienen open, geanimeerd, maar zonder taboes of vrees voor vergeldingen gevoerd. Ludo Abicht, filosoof en emeritus hoogleraar politieke wetenschappen UAntwerpen, in De Standaard van 10/07/2020: ‘Tegen de trend in verdedigen de briefschrijvers de intellectueel, moreel en logisch correcte stelling dat de noodzakelijke strijd voor meer gerechtigheid, verdraagzaamheid en openheid, zeg maar de strijd tegen racisme, seksisme en antisemitisme, nooit ten koste mag gaan van de vrijheid van denken en meningsuiting, waarop de democratie gebouwd werd. Wie daaraan morrelt, zelfs met de beste bedoelingen, verengt het debat, vervalst de realiteit en bedreigt onze samenleving. Het regent verdachtmakingen en insinuaties, met giftige en dodelijke categorieën als microagressie en on(der)bewust racisme, beschuldigingen waartegen je je onmogelijk kunt verdedigen, want wie daartegen protesteert, is per definitie al verdacht. Wie gerechtigheid tegen vrijheid uitspeelt, brengt ze allebei in gevaar.’

 

 

De onrechtvaardige rechter

Een activistische rechter in Mechelen, Suzy Vanhoonacker, heeft op 26/05/2021 alvast vier leden van de radicaal-rechtse Vlaams-nationalistische beweging Voorpost (waarvoor uw Knorrige kronkelaar niet de minste sympathie koestert) veroordeeld omdat ze door te betogen met spandoeken en pamfletten tegen de 'islamisering van de maatschappij' een angstbeeld hebben gecreëerd en aldus discriminatie, haat en geweld hebben aangewakkerd. Op een spandoek waren onder de woorden ‘Stop islamisering’ enkele vrouwen in boerka of nikab afgebeeld, en net die combinatie ging volgens de rechtbank te ver. De Voorposters kregen een celstraf van zes maanden, voor drie van de vier met uitstel, voor de vierde effectief. Ze gaan in beroep. Als vergelijking, 17 maanden na het vandalisme in Brussel op oudejaarsavond 2019 is nog maar één relschopper veroordeeld. Die oudejaarsnacht werden 75 vuilnisbakken in brand gestoken, brandden 19 auto’s en twee scooters uit, werden politiewagens met stenen en flessen bekogeld, bushokjes vernield en de ruiten van een tram ingegooid. Dat is natuurlijk peanuts vergeleken met de misdadige slogan ‘Stop islamisering’. Binnenkort is rechter Suzy Vanhoonacker te zien in het Play4-programma ‘De Rechtbank’, toch merkwaardig gezien de discretie die het gerecht in België graag aan de dag legt en waarbij namen van rechters bij bekendmaking van hun vonnis niet worden vermeld (wet van 05/05/2019), in tegenstelling tot het gebruik in bv. Nederland, de Scandinavische en Angelsaksische landen.

N-VA-voorzitter Bart De Wever (‘cogito, ergo sum’) reageerde op de uitspraak van de rechter in Mechelen: ‘Ik ga niet akkoord met lieden die aansturen op een clash met de hele islam, maar een mening breng je niet voor de rechtbank. De vrijheid kan je niet verdedigen door haar te beperken.’ Vlaams Belang-voorzitter Tom Van Grieken (‘timeo Danaos et dona ferentes’) in Knack Opinie 28/05/2021: ‘Wanneer dissidente meningen worden verboden, wordt de vrije meningsuiting afgeschaft, en daarmee de democratische rechtsstaat'. Artikel 10.1 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (04/11/1950) stipuleert: ‘Eenieder heeft recht op vrijheid van meningsuiting. Dit recht omvat de vrijheid een mening te koesteren en de vrijheid om inlichtingen of denkbeelden te ontvangen of door te geven, zonder inmenging van overheidswege en ongeacht grenzen.’ Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde op 07/12/1976: ‘Freedom of expression is applicable not only to ‘information’ or ‘ideas’ that are favourably received or regarded as inoffensive or as a matter of indifference, but also to those that offend, shock or disturb the State or any sector of the population.’ Het voegde daar op 06/07/2006 aan toe: ‘It may be considered necessary to sanction or even prevent all forms of expression which preach, incite, promote or justify hatred based on intolerance.’

Samen met Sir Karl Popper en John Rawls is John Stuart Mill zowat de favoriete filosoof van de blauwgeschelpte liberalen. Hebben ze hun boeken daadwerkelijk gelezen of is het bibliotheekversiering? Over de tirannie van de politieke en maatschappelijke meerderheid schreef John Stuart Mill: ‘Protection, therefore, against the tyranny of the magistrate is not enough: there needs protection also against the tyranny of the prevailing opinion and feeling; against the tendency of society to impose, by other means than civil penalties, its own ideas and practices as rules of conduct on those who dissent from them; to fetter the development, and, if possible, prevent the formation, of any individuality not in harmony with its ways, and compel all characters to fashion themselves upon the model of its own. There is a limit to the legitimate interference of collective opinion with individual independence: and to find that limit, and maintain it against encroachment, is as indispensable to a good condition of human affairs, as protection against political despotism… The only purpose for which power can be rightfully exercised over any member of a civilized community, against his will, is to prevent harm to others. His own good, either physical or moral, is not a sufficient warrant (Essay ‘On Liberty’ 1859).

Een zeldzaam helder moment in een zee van zedenpreken.

Zelfs Bart Kletsmajoor Somers, zelfbenoemd Vlaams minister van Samenleven, vindt dat de gewraakte slogan ‘Stop islamisering’ tot de vrije meningsuiting behoort (De Standaard en Knack 29/05/2021). Een zeldzaam helder moment in een zee van zedenpreken. Zowel de wetgever (wetten van 30/07/1981 en 10/05/2007) als het Grondwettelijk Hof hebben gesteld dat er inzake de racismewetgeving sprake moet zijn van kwaadwillig opzet én een actieve oproep tot haat of geweld. Prof. em. Dirk Voorhoof, verbonden aan het Centrum voor Mensenrechten van de UGent, beschouwt het vonnis als verregaand: ‘Aanzetten tot geweld of discriminatie is objectiveerbaar. Het is aanzetten tot bepaalde handelingen of daden. Wat aanzet tot haat is al wat moeilijker vast te stellen. Maar angst is een subjectief gevoel, en het creëren of aanwakkeren van angst is niet strafbaar volgens de wet. Strafwetgeving moet eng geïnterpreteerd worden, terwijl het vonnis kiest voor een ruime toepassing en onvoldoende gemotiveerd is. Dat is problematisch’ (De Tijd 28/05/2021). Ook grondrechtenspecialist Prof. Jogchum Vrielink (Université Saint-Louis Brussel) weegt de argumentatie van de rechter als te licht en inhoudelijk zwak: ‘Ik zie het actief aansporen tot haat en gewelddadig gedrag niet. De kwaadwillige intenties worden niet getoetst’ (De Standaard 27/05/2021). Kortom, dit is geen rechtspraak, maar kromspraak.

Bij het Voorpost-spandoek gaat het om protest tegen de doordringende invloed in onze maatschappij van bepaalde islamitische gebruiken, tegen kwezelarij en intolerantie. Van dat laatste kunnen de LGBTQ+ gemeenschappen meespreken. Maar dat is weer een andere context, nietwaar. Zoals gewoonlijk is het politiek correct denken inconsequent en hanteert het twee maten en twee gewichten. De fundamentalistische islam plaatst religie, in casu de Koran en de sharia-voorschriften, boven de principes van de democratische rechtsstaat, waarin vrijheid en verdraagzaamheid centraal staan. Zo zijn vrouwenrechten en genderdiversiteit eigen aan de wereld van de kafirs, de ongelovigen, die best zo snel mogelijk tot dhimmi’s (onderworpen niet-moslims) worden omgeturnd, als ze toch niet te bekeren vallen. De vrees voor dergelijke islamisering vloeit in eerste instantie voort uit de mislukte integratie-aanpak en de ongebreidelde migratiepolitiek die islamitisch conservatisme importeert. Het samengaan van beide manifesteert zich in de gezinshereniging geënt op een slachtoffercultuur die gettovorming en afhankelijkheid van sociale zekerheid bevordert. ‘If we extend unlimited tolerance even to those who are intolerant, if we are not prepared to defend a tolerant society against the onslaught of the intolerant, then the tolerant will be destroyed, and tolerance with them’ (de tolerantieparadox van de Oostenrijks-Britse filosoof Sir Karl Popper in zijn boek uit 1945 ‘The Open Society and Its Enemies’).

 

 

Dat in het Brusselse adderkluwen groenlinkse partijen zoals Groen, hand in hand met de nog rabiatere Franstalige zusterpartij Ecolo en de onvermijdelijke PS, de moslimgemeenschap opvrijen, getuigt van een ogenschijnlijk domme electorale kortzichtigheid. In realiteit is het uitgekookt opportunisme van de zelfgezalfde moraalridders. Zo heeft Ecolo-staatssecretaris voor Gelijke Kansen Sarah Schlitz een moslima met hidjab (hoofddoek), Ihsane Haouach, benoemd als regeringscommissaris bij nota bene het Instituut voor Gelijkheid van Vrouwen en Mannen. Dat is niet gespeend van enige ironie, al kan onder meer Georges-Louis Bouchez, voorzitter van de MR, het maneuver niet smaken, hoe competent de dame in kwestie ook mag zijn. Hij heeft zijn federale regeringspartners geïnterpelleerd, maar vangt voorlopig bot. GLB vindt terecht dat de benoeming ingaat tegen de neutraliteit van de staat en is ingegeven door electorale overwegingen: ‘Het dragen van een hoofddoek moet een gewaarborgde individuele vrijheid blijven, maar de neutraliteit van de staat mag niet in vraag worden gesteld om tegemoet te komen aan het communitarisme van partijen die kiezers willen charmeren.’ De spijker op de kop.

Ambtenaren dienen op het werk geen uiterlijke tekenen van religieuze, filosofische of politieke overtuiging te dragen, vooral niet als ze in contact staan met het publiek (ooit omschreven als de ‘cliënten’ van de overheid, maar dat was een lachertje). In de privésfeer staat het hen vrij hun religieuze overtuiging te belijden. Het probleem van de neutraliteit (laïcité) en de onpartijdigheid (impartialité), vertaald in het hoofddoekdilemma, stelt zich ook bij de Brussels vervoersmaatschappij MIVB en creëert momenteel een splijtzwam in de Brusselse gewestregering waar Ecolo-Groen, de PS en one.brussels-Vooruit tegenover DéFI en Open vld staan. Ecolo heeft met haar covoorzitster Rajae Maouane gekozen voor een harde multiculturele lijn, op een haast stalinistische manier. Wie kritiek heeft, wordt weggezet als racist. Vrijheid, blijheid? De eerste joodse buschauffeur die door Molenbeek rijdt met zijn keppeltje op, is een zelfmoordkandidaat. Wordt het in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest weer een knieval voor de dictaten van de islam? ‘Soumission’ zoals beschreven in de gelijknamige roman van Michel Houellebecq? De islam is op alle vlakken een veeleisend kruidje-roer-me-niet, het katholicisme daarentegen mogen de weldenkenden bespotten, neerhalen en afbranden, geen haan die ernaar kraait. Sommigen zijn zelfs zo infantiel dat ze dat als een heldendaad beschouwen. Persoonlijk geef ik de voorkeur aan de kerk van het vliegende spaghettimonster. Dat pastavergiet op mijn kale hoofd staat mij beeldig.

 

 

De teloorgang van de trias politica

Toen de Franse Verlichtingsfilosoof Charles Louis de Secondat, baron de La Brède et de Montesquieu, in navolging van zijn Britse collega John Locke, de driemachtenleer naar voren bracht in zijn boek ‘De l'Esprit des Lois’ (1748), kon hij niet vermoeden dat er na verloop van tijd een vierde macht zou oprijzen, de journalistieke media (de pers), die een toenemende en dikwijls arbitraire invloed zou gaan uitoefenen op de oorspronkelijke drie: de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht. Zeker in België is de impact van de wetgevende macht vrijwel integraal ondergeschikt geraakt aan de uitvoerende macht, de regeringscoalitie die haar zetelmeerderheid in het parlement, de wetgevende macht, herleidt (of beter gezegd misbruikt) tot een loutere stemmachine voor haar beleid. Die uitvoerende macht communiceert bij voorkeur met gelijkgezinde journalistieke macht om haar standpunten aan het publiek, de burgers, te slijten. Die collusie ondergraaft de geloofwaardigheid van beide.

Een vonnis is geen pamflet.

De rechterlijke macht is omwille van juridisch-technische complexiteit en evidente discretie grotendeels in de schaduw gebleven, behalve bij ophefmakende strafprocessen of de vervolging van financieel-economische misdrijven die de samenleving beroeren. Daarin komt meer en meer verandering. De expertise en invloed van niet-gouvernementele organisaties (ngo’s), actiegroepen en progressieve advocatencollectieven is dermate gegroeid dat er een zekere wisselwerking met de magistratuur is ontstaan waardoor het fenomeen van de activistische rechter zich steeds sterker doet gelden. De persoonlijke, subjectieve, maatschappelijke overtuiging van de rechter gaat zich in een politiek correcte context nadrukkelijker manifesteren in het nadeel van formeel juridische, objectieve criteria. Vandaag verklaart de rechtbank zich bevoegd in materies die nog volop voorwerp zijn van maatschappelijk debat en waarvan de economische en budgettaire consequenties voor zowel overheid als privésector niet of onvoldoende doorgesproken en becijferd zijn. Daardoor treedt de rechter in de plaats van zowel de uitvoerende als de wetgevende macht. Met gebruik van een ruime dan wel strikte interpretatiemarge van de letter en de geest van de wet, naargelang zijn of haar ingesteldheid. Waarbij de vraag zich stelt op welke kennis en expertise, buiten de zuiver juridische, hij of zij zich baseert. Is hier geen sprake van overschrijding van competentie? Schoenmaker, blijf bij je leest? Publicist en politiek filosoof Mark Van de Voorde in Knack Opinie van 17/03/2021: ‘Wanneer de rechterlijke macht de wetgevende en de uitvoerende macht kan veroordelen voor beleidskeuzes, leven wij niet langer in een democratie, maar in een dictatuur van lobbyisten. Over politiek beslis je niet in de rechtbank, maar in het parlement en op het publieke forum via verkiezingen.’ De rechter is geen democratisch verkozen beleidsmaker. Het komt hem of haar niet toe politieke statements te maken. Een vonnis is geen pamflet.

Voorbeelden zijn de betwistingen over asiel en migratie c.q. klimaat, leefmilieu, luchtvervuiling, bodemsanering, vliegroutes, maar ook zoals supra uiteengezet, de vrije meningsuiting. Stuk voor stuk maatschappelijk bijzonder relevante onderwerpen, waarvan de problematiek doordachte en duurzame oplossingen vereist, gedragen door de samenleving. De vonnissen van rechters gaan in die context de laatste tijd heel kort door de bocht. Zo gaf voorzitster Larisa Alwin van de rechtbank van eerste aanleg in Den Haag in een klimaatzaakvonnis dd. 26/05/2021 tegen oliereus Royal Dutch Shell over uitstoot van broeikasgassen, samen met twee collega’s gehoor aan het argument van ‘onrechtmatige gevaarzetting’. Dat laatste gaat terug tot een arrest over een openstaand keldergat van een café in Amsterdam, waarin een wandelaar was gevallen en zijn been had gebroken (!). Dat is een gedachtesprong van Olympisch niveau. Bedrijven krijgen in klimaat- en leefmilieukwesties plots verplichtingen opgelegd om doelstellingen te bereiken die door overheden zijn vastgelegd zonder hun medeweten en inbreng. De rechter maakt ze zelfs nog stringenter. Een gevaarlijk precedent.

 

 

N-VA-parlementsleden Johan Van Overtveldt (voorzitter van de begrotingscommissie in het Europees Parlement) en Anneleen Van Bossuyt (Kamerlid) op Doorbraak.be 02/06/2021: ‘Het is niet aan een rechter om te bepalen op welke manier bedrijven de door politici bepaalde doelstellingen moeten bereiken. Het zijn politici en overheden die verantwoording moeten afleggen aan hun burgers voor het beleid dat nodig is om de doelstellingen te bereiken waartoe ze zich op internationaal en Europees niveau hebben verbonden.’

Prof. Kurt Deketelaere, docent milieurecht KU Leuven en secretaris-generaal van de League of European Research Universities (waaronder Oxford, Cambridge, Leiden, Leuven, Heidelberg) in De Standaard van 20/03/2021: ‘Het is niet de taak van een rechter om een overheid uitstootdoelstellingen op te leggen. Al zeker niet als hij of zij zich daarbij baseert op mensenrechten of het klimaatakkoord van Parijs dat geen wettelijk bindend karakter heeft’. In De Standaard van 26/05/2021: ‘Als de burgerlijke rechtbank bedrijven bindende milieuregels kan opleggen, onafhankelijk van door de overheid wettelijk vastgelegde milieunormen- en regels, zal dat de rechtszekerheid ondermijnen. Ik geef je op een blaadje dat bedrijven wel tien keer zullen nadenken vooraleer te investeren in landen waar een rechter uitmaakt hoeveel CO2 een individueel bedrijf mag uitstoten, los van de normen die vastgelegd zijn in de milieuvergunning door de overheid toegekend aan dat bedrijf’. In De Tijd van 28/05/2021: ‘Bedrijven moeten zich houden aan milieu- of omgevingsvergunningen die gebaseerd zijn op wetgeving. Wie de regels niet naleeft, krijgt sancties volgens bepaalde spelregels. Maar nu vindt een niet-gespecialiseerde rechter dat de regels voor een individueel bedrijf niet voldoende zijn. Hij legt zelf andere verplichtingen op. Dat is een fundamentele aantasting van de rechtszekerheid voor bedrijven en er ontstaat discriminatie tussen bedrijven die al dan niet worden aangepakt. Nieuwe doelen en een deadline opleggen is niet de taak van een rechter.'

Is het dat wat we willen voor bv. de Antwerpse haven, de grootste geïntegreerde chemische cluster in Europa en de tweede in de wereld na Houston, Texas?

Multinationals functioneren op basis van zorgvuldige planning en budgettering, zeker als ze beursgenoteerd zijn. Rechtsonzekerheid jaagt hen op de vlucht. Is het dat wat we willen voor bv. de Antwerpse haven, de grootste geïntegreerde chemische cluster in Europa en de tweede in de wereld na Houston, Texas? Prof. Deketelaere wijst wel op het grote onderliggende probleem: overheden en bedrijven blijven fundamenteel in gebreke in de strijd tegen de klimaatopwarming. ‘Burgers stappen naar de rechter omdat beloftes niet gehouden worden. Nu is het echt tijd dat parlementen en regeringen de boodschap begrijpen en duidelijke, bindende en afdwingbare wetten maken om de doelstellingen te halen. We kunnen ons geen gedraal meer permitteren.’ In haar ‘World Energy Investment June 2021’-rapport stelt het Internationaal Energieagentschap (IEA) dat het beter is niet meer te investeren in de exploratie en exploitatie van fossiele brandstoffen als steenkool, olie en gas. Ook de jongste ‘Financial Stability Review’ van de Europese Centrale Bank (mei 2021) zoomt in op klimaatrisico’s voor overheden en bedrijven, specifiek financiële instellingen.

De Belgische regering gaat daar onder druk van de Ecolo-Groen-zeloten, aangevoerd door minister van Energie Tinneke Van der Straeten, dwars tegenin. België sluit tegen 2024 de CO2-neutrale kerncentrales om dan het tekort aan elektriciteitsproductie op te vangen via de bouw van drie nieuwe gascentrales en de aankoop van hernieuwbare energie in het buitenland. Het openhouden van onze jongste kerncentrales tot 2045 zou ons 45 megaton of 45 miljoen kg CO2-uitstoot besparen. Gascentrales, die 41 keer meer CO2  uitspuwen dan kerncentrales, verkopen als een maatregel voor een beter leefmilieu en tegen de klimaatopwarming, is een rad voor de ogen draaien, een summum van hypocrisie. Van dat laatste hebben de Groenen ruime overschotten in de aanbieding. Nieuwe raming van de kostprijs (subsidiëring) van de gascentrales: 253 miljoen euro per jaar, gedurende vijftien jaar. Een totaal van 3,8 miljard euro. La dolorosa ligt lager dan oorspronkelijk geraamd (handjeklap van Tinneke), maar het blijft een bittere pil. De Europese Commissie (vicevoorzitster Margrethe Vestager) moet nog oordelen of het niet om illegale staatssteun gaat. Nagelbijten voor Tinneke. Het kenniscentrum EnergyVille (KU Leuven, Imec, VITO en UHasselt) gaat in een recente studie (09/09/2020) uit van maatschappelijke baten van 106 tot 134 miljoen euro per jaar bij het behoud van nucleaire energie. Groene dogma’s kosten handenvol geld, pragmatisme levert op.

In klimaatkwesties is het markant dat bij het opleggen aan de overheid van boetes of dwangsommen in het voordeel van de eisers, zelden of nooit de associatie wordt gemaakt met belastinggeld. Diezelfde overheid is immers slechts de rentmeester van haar burgers en ondernemingen, die haar met belastingen financieren. Zo slaagt een in de media en op straat luidruchtige, militante minderheid er steeds frequenter in de zwijgende meerderheid van de bevolking te doen opdraaien voor standpunten die ze via de rechtbank of rechtscolleges als de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen of de Raad voor Vergunningsbetwistingen afdwingt. Dat is de consequentie van een ‘gouvernement des juges’. Of we met dat juridisme blij moeten zijn, valt zeer te betwijfelen.

 

Marc Peeters, 6 juni 2021.